Bij een belangrijk vredesoverleg in Oslo over het Midden-Oosten maakt politiecommissaris Harry Hole deel uit van het antiterrorismeteam dat de veiligheid moet garanderen van de deelnemende staatshoofden. Hij ontdekt dat er een aanslag gepland wordt en komt op het spoor van Sverre Olsen, een neonazi. Hole belandt in een wespennest van leugens en intriges, liefde en verraad dat terug te voeren is op een moord die plaatsvond in Leningrad tijdens de Tweede Wereldoorlog.
Drie jonge mensen zijn spoorloos verdwenen na het Midzomernachtsfeest. Er komt weliswaar een ansichtkaart uit Hamburg, maar vermoedelijk hebben ze die niet zelf gestuurd. Kurt Wallander wil de kwestie bespreken met zijn - onvindbare - collega Svedberg. Ongerust gaat Wallander midden in de nacht naar Svedbergs flat, waar hij hem dood aantreft. Vervolgens blijkt dat Svedberg op eigen houtje al gesprekken heeft gevoerd met de ouders van de drie verdwenen jongeren.
Een jonge vrouw wordt in haar flat in Oslo vermoord. Van haar linkerhand is een vinger afgesneden en achter haar ooglid zit een kleine, rode diamant in de vorm van een pentagram. Rechercheur Harry Hole wordt samen met zijn collega en rivaal Tom Waaler op de zaak gezet. Aanvankelijk wil Hole niets met het onderzoek van doen hebben, en zeker niets met Waaler, die hij verdenkt van moord en wapensmokkel. Veel keuze heeft hij echter niet, want hij staat op het punt ontslagen te worden. Bovendien blijft het niet bij dit ene slachtoffer. Een reeks van gelijksoortige moorden vormt een vijfpuntig patroon op de kaart van Oslo en brengt de stad in de greep van een seriemoordenaar, die elke vijfde dag een nieuw slachtoffer maakt. Vastbesloten de dader op te sporen en Tom Waaler als crimineel te ontmaskeren komt Hole onverwacht zelf tegenover de politie te staan. De moeilijke keuzes die hij moet maken bepalen zijn toekomst als rechercheur.
Het is bijna kerst in Oslo en mensen hopen op de komst van een verlosser, een nieuwe leider, een nieuwe liefde. In plaats daarvan wordt de stad opgeschrikt door twee brute moorden. Eerst wordt in een container het lichaam van een junkie gevonden, en vervolgens wordt een vooraanstaand lid van het Leger des Heils doodgeschoten. Politiecommissaris Harry Hole, die zelf zijn redding zoekt in een fles whisky, bijt zich vast in de moordzaken en ontmoet daarbij de kwetsbare heilsoldate Martine. Terwijl hun liefde opbloeit wordt het onderzoek steeds gecompliceerder, zeker als blijkt dat er een huurmoordenaar bij betrokken is die zijn gezichtsspieren zo kan manipuleren dat hij vrijwel onherkenbaar is.
Maggio 1993: in Algeria i fondamentalisti islamici uccidono quattro suore. La quinta donna massacrata è una turista svedese. La polizia algerina cerca di insabbiare il caso. Settembre 1994: una serie di orribili delitti scuote il sud della Svezia. Un anziano signore, appassionato bird-watcher, cade in una trappola feroce. Il suo corpo viene ritrovato in pasto ai corvi, trapassato da canne di bambù. Qualche giorno dopo, nel bosco, legato a un albero si scopre il cadavere di un FIorista: è stato strangolato. Non passa molto tempo che il corpo senza vita di un ricercatore dell’università riafFIora, chiuso in un sacco, tra le acque di un lago. Omicidi crudeli, perpetrati con una tecnica che non lascia dubbi sull’esistenza di un unico colpevole. Apparentemente non esiste un movente, né s’intravedono elementi che permettano di trovare una relazione tra le vittime. Tocca ancora al commissario Wallander, del distretto di Ystad, aprire un faticoso spiraglio tra le indagini e mettere insieme i pezzi di una storia incredibile. Aiutato da una collega molto efFIciente, Kurt Wallander scoprirà quale sconcertante FIlo leghi il passato degli uomini caduti per mano di un oscuro assassino.
Twee meisjes vermoorden een taxichauffeur. Een ervan wordt later in verkoolde staat gevonden. Een ICT-specialist ligt dood voor een pin-automaat en zijn lijk wordt later uit de pathologie gestolen. Waar zit de samenhang? Wallander en zijn team staan voor een zaak met een ongekende dimensie. Een geheimzinnig netwerk van internationaal opererende hackers poogt de wereldeconomie in elkaar te laten storten. De antiheld Wallander beleeft onder grote psychische druk en op dramatische wijze de verwondbaarheid van de moderne wereld die ook de zijne is. Zelfs zijn liefdesleven wordt erin betrokken. De blinde muur fungeert in deze steengoede en met actie gevulde thriller niet alleen als bescherming voor computerprogramma's maar ook als symbool voor de muur die Wallander rond zijn gevoelsleven heeft opgetrokken.
Kurt Wallander is op vakantie in Denemarken. Hij wandelt er op een strand. Hij is moe, depressief en wil ontslag nemen uit het politiekorps van Ystad. Aan het thuisfront in Zweden vinden echter twee moorden plaats die hem op andere gedachten brengen. Het gaat om de 69-jarige advocaat Gustaf Torstensson en diens collega en zoon Sten, een jeugdvriend van Wallander.
Twee grote gebeurtenissen overrompelen de zevenendertigjarige inspecteur Stefan Lindman. Kort nadat hij heeft gehoord dat hij aan kanker geopereerd moet worden, leest hij in de krant dat zijn gepensioneerde ex-collega en mentor Herbert Molin is vermoord. Stefan Lindman reist af naar het Noordzweedse Härjedalen, waar Molin in zijn verscholen liggende boerderij is afgeslacht. Molin blijkt zich daar niet voor niets te hebben teruggetrokken: hij heeft een verleden. In de boerderij vindt Lindman vreemde bloederige sporen. Het blijken de basispassen van de tango te zijn. Lindman doet nog een aangrijpende ontdekking: Molin is het nazi-gedachtengoed tot aan zijn dood trouw gebleven.
De romanserie over de Zweedse politie-inspecteur Kurt Wallander startte in Nederland in 1997 met 'Moordenaar zonder gezicht'. Het verhaal speelt zich af in 1990, Wallander is dan 42, bijna 43 jaar. Wat er voor die tijd met hem gebeurde, wordt in dit boek verteld, waarin vijf zelfstandig te lezen verhalen over de jonge Wallander zijn opgenomen. Het eerste verhaal vangt aan in 1969, Wallander is dan politieagent in Malmo, het laatste verhaal eindigt in 1990, wanneer Wallander inspecteur is in Ystad.
Als makelaar Louise Åkerblom verdwijnt, weet de Zweedse inspecteur Kurt Wallander nog niet dat hij voor de ingewikkeldste opgave uit zijn loopbaan staat. De vrouw blijkt vermoord te zijn. Op de plaats van de misdaad wordt een vinger gevonden die aan iemand met een donkere huidskleur toebehoort. Alles wijst op een executie. Intussen beraamt een groep fanatieke Zuid-Afrikaanse 'Boeren' een aanslag op een vooraanstaand politicus. Kurt Wallander vermoedt een verband tussen de verdwijning in Zweden en de samenzwering in Zuid-Afrika.
Kurt Wallander onderzoekt de wrede moord op een boerenechtpaar. Hij merkt al snel dat er vertrouwelijke informatie naar buiten lekt. Informatie die asielzoekers in een kwaad daglicht plaatst. Angstvallig mijdt hij de publiciteit om racistische krachten in de samenleving de wind uit de zeilen te nemen.
Op een winterse dag spoelt een rubbervlot met twee dode mannen aan op de zuidkust van het Zweedse Skane. Na een anonieme tip stelt de politie een onderzoek in. De mannen zijn vóór hun executie gemarteld. Identificatie aan de hand van hun gebit levert een spoor op dat Wallander naar de Letse hoofdstad Riga voert. Daar dreigt hij een pion te worden in een Baltische intrige.
Vanwege een fout staat inspecteur Kurt Wallander even op non-actief. Zijn dochter Linda en haar partner Hans, de zoon van een Zweedse marineofficier, krijgen een dochter. Dan verdwijnt de vader van Hans, en later ook diens moeder. Iedereen, Wallander incluis, staat voor een raadsel. In dit allerlaatste deel in de Wallander-reeks belandt de inspecteur in de voor hem ongekende werelden van de Zweedse marine én (onrechtstreeks) de spionage. Er wachten hem nieuwe uitdagingen, al leidt hij het onderzoek niet zelf.
Stockholm 1975: Six young people take the entire staff of the West German
embassy hostage, demanding that the Baader-Meinhof members being held as
prisoners in West Germany be released immediately. The long siege ends with
the deaths of two hostages and the wounding of several others, including the
captors.
Durante la Seconda Guerra Mondiale, un gruppo di giovani soldati norvegesi era stato scelto e inviato a combattere a fianco dell’esercito tedesco alle porte di Leningrado. Una volta tornati in patria, quegli uomini avevano trovato ad attenderli un’accusa di alto tradimento e il carcere duro. Ora, a distanza di sessant’anni, quell’inferno non è ancora finito, e uno dopo l’altro iniziano a morire in circostanze oscure. In questa torbida vicenda si imbatte Harry Hole, poliziotto dell’antiterrorismo dal grilletto facile e con un debole per l’alcol. Lui la violenza è abituato a guardarla negli occhi ogni giorno, senza tregua. E mentre indaga sulla minaccia di un attentato ai danni dei reali di Norvegia, che si fa ogni giorno più concreta, uno strano ritrovamento attira la sua attenzione: i monti intorno a Oslo gli restituiscono alcuni bossoli di un Märklin, un fucile di precisione tedesco di cui erano stati costruiti solo trecento esemplari. E sulle tracce di quest’insolita arma si addentrerà in una palude di tradimenti e vendette da cui sarà difficile riemergere.
Inspecteur Yngvar Stubo en profiler Inger Johanne Vik hebben net een dochtertje gekregen, maar als er een paar verontrustende moorden zijn gepleegd, gaan ze de zaak toch onderzoeken.
Fredrik woont alleen op een eiland. Op een morgen ziet hij een vrouw op het ijs. Het is Harriet, de vrouw die hij bijna veertig jaar geleden verliet. Ze heeft niet lang meer te leven en vraagt Fredrik haar mee te nemen naar een vennetje in het bos, waar ze ooit zouden gaan zwemmen als ze getrouwd waren. Dit is het begin van een reis door het winterse Zweden, maar ook door Fredriks eigen leven. Zal hij verantwoording nemen voor de catastrofe die hij ooit veroorzaakte?
Op een koude dag in januari 2006 doet de politie van het stadje Hesjövallen een verschrikkelijke ontdekking. Er heeft een bloedbad plaatsgevonden. Achttien mensen zijn op beestachtige manier vermoord. Een krankzinnige moordenaar moet aan het werk zijn geweest. Als Birgitta Roslin, rechter in Helsingborg, de berichten erover leest, is ze met stomheid geslagen. Want bijna alle slachtoffers zijn verwanten van haar. Omdat de politie geen enkel spoor van de dader vindt en geen enkel aanknopingspunt heeft voor verder onderzoek, besluit Birgitta de zaak zelf te onderzoeken. Het onderzoek voert Birgitta naar het verleden en leidt haar naar verschillende continenten. Ze maakt hardhandig kennis met een nieuwe supermacht die zijn plaats opeist in de internationale arena.
Sven-Erik Cederén is eigenaar van het medisch instituut MedForsk. Hij wordt gezien als de moordenaar van zijn vrouw en dochtertje. Daarna zou hij zelfmoord hebben gepleegd. Als MedForsk door actievoerders opgedragen wordt te stoppen met illegale dierproeven, heropent rechercheur Ann Lindell het moordonderzoek.
Helen Bentley de eerste vrouwelijke president van Amerika, is op staatsbezoek in Oslo, waar ze de festiviteiten rondom de nationale feestdag zal bijwonen. Maar dan wordt een vreselijke ontdekking gedaan; de president is uit haar suite verdwenen, ze is ontvoerd. Yngvar Stubø leidt het onderzoek naar de ontvoering en wordt daarbij terzijde gestaan door Warren Scifford van de FBI, geen onbekende voor Stubø s vrouw Inger Johanne. De twee mannen komen een vijand op het spoor die machtiger is dan ze ooit konden vrezen: een man die zijn internationale netwerk van stromannen gebruikt om de grootste terroristische aanval op Amerika sinds 11 september 2001 te plannen. Inger raakt persoonlijk bij het conflict betrokken als ze onverwacht in contact komt met de ontvoerde president. De vrouwen zullen moeten samenwerken om de geesten uit hun verleden te verslaan en zo hun eigen levens en die van het Amerikaanse volk te redden.