In zeven nieuwe verhalen – zijn eerste sinds negen jaar – wijdt levensgids en meesterverteller Haruki Murakami zich opnieuw aan een van zijn grote thema’s: de liefde. De verhalen in Mannen zonder vrouw horen tot de meest tedere, ontroerende teksten uit zijn oeuvre – en ze zijn onmiskenbaar Murakami. Ze gaan over eenzame, beschadigde mannen, mannen die iets beslissends mankeert, melancholieke mannen. Met andere woorden: kleurloze mannen…
Vanaf juli van zijn tweede jaar aan de universiteit tot januari van het jaar daarop leefde Tsukuru Tazaki met constante gedachten aan de dood. Gedurende die tijd werd hij twintig en dus officieel volwassen, maar die gewichtige dag had geen speciale betekenis voor hem. Al die dagen kwam het idee om zelf een eind aan zijn leven te maken hem voor als het meest natuurlijke en logische wat hij kon doen. Ook nu begrijpt hij nog niet goed waarom hij op het laatste ogenblik die beslissende stap nooit heeft gezet.’ Tsukuru Tazaki is opeens helemaal alleen. Zijn oude vrienden, die zijn achtergebleven in zijn geboortestad toen hij in Tokyo ging studeren, willen hem van de ene op de andere dag niet meer kennen. Hij doet de dagelijkse dingen – opstaan, douchen, eten, naar college gaan – maar zijn leven is leeg en hol. En hoewel hij de definitieve stap nooit zet, ouder wordt, afstudeert, een baan vindt en carrière maakt, kan hij het verlies van zijn jeugdvrienden niet loslaten, totdat zijn vriendin Sala hem ertoe aanzet om nu eindelijk eens uit te zoeken wat er gebeurd is al die jaren terug. Maar hoe dieper hij in het verleden graaft, hoe hoger de prijs van vriendschap blijkt te zijn.
Aomame kan niet weg uit de flat waar ze zich schuilhoudt, Tengo kan niet weg bij zijn stervende vader, en Ushikawa kan niet weg achter de verborgen camera waarmee hij op ze loert. Ieder bezint zich op zichzelf. Wat kunnen ze anders doen? Maar wie zal de eerste zijn die deze patstelling verbreekt? Wat is de werkelijke reden dat de sekte Aomame ten koste van alles levend in handen wil krijgen? En wie is de mysterieuze NHK-collecteur die bij alle drie op de voordeur bonst? In deze zinderende roman brengt Haruki Murakami zijn meesterlijke trilogie tot haar onverbiddelijke, ontroerende ontknoping.
Coming of age' roman over de 15-jarige Kafka Tamura die, om te ontkomen aan de voorspelling dat hij met zijn verdwenen moeder en zijn zus zal slapen, van huis wegloopt. Op onverklaarbare wijze wordt de jongen aangetrokken tot een bibliotheek in Takamatsu en tot de directrice, mevrouw Saeki. Kafka's pad kruist eveneens dat van het meisje Sakura, van een bibliothecaris, en van de geheimzinnige meneer Nakata, die met katten praat. De laatste was in de oorlog het slachtoffer van massahysterie en spoort niet helemaal. Als Kafka's vader op gruwelijke wijze in Tokyo vermoord wordt, raken de gebeurtenissen in een stroomversnelling.
In Osaka in the years immediately before World War II, four aristocratic women try to preserve a way of life that is vanishing. As told by Junichiro Tanizaki, the story of the Makioka sisters forms what is arguably the greatest Japanese novel of the twentieth century, a poignant yet unsparing portrait of a family–and an entire society–sliding into the abyss of modernity. Tsuruko, the eldest sister, clings obstinately to the prestige of her family name even as her husband prepares to move their household to Tokyo, where that name means nothing. Sachiko compromises valiantly to secure the future of her younger sisters. The unmarried Yukiko is a hostage to her family’s exacting standards, while the spirited Taeko rebels by flinging herself into scandalous romantic alliances. Filled with vignettes of upper-class Japanese life and capturing both the decorum and the heartache of its protagonist, The Makioka Sisters is a classic of international literature. From the Hardcover edition.