Robert Merivel, arts en vertrouweling van koning Karel II, wordt geconfronteerd met de vragen die komen kijken bij het ouder worden: Is hij een goede vader geweest? Is hij een eerlijke meester? Is hij de vriend van de koning of eigenlijk zijn slaaf? Op zoek naar antwoorden vertrekt Merivel naar het Franse hof. Maar Versailles – mooi van de buitenkant, smerig van binnen – maakt Merivel wanhopig. Totdat een ontmoeting met de verleidelijke Madame de Flamanville hem weer laat dromen van een glorieuze toekomst. Maar is zo’n toekomt ook voor hem weggelegd?
De blanke Steve en zwarte Jabulile zijn een droompaar. Ze waren kameraden in de strijd tegen apartheid en zijn nu getrouwd, met twee kinderen en een mooi huis in een buitenwijk van Johannesburg. Maar de dilemma’s waar Zuid-Afrika mee kampt, hebben ook hun weerslag op het gelukkige gezinsleven: Jabu komt onder druk te staan wanneer zij als beginnend advocaat slachtoffers van corruptie en verkrachtingen moet verdedigen en Steve neemt na een wild bezoek aan Londen op eigen houtje het besluit om met het gezin naar Australië te emigreren. Is hun liefde bestand tegen de erfenissen uit het verleden?
Door hun betrokkenheid bij de filmindustrie worden twee Japanners en een Amerikaan ooggetuigen van propagandistische manipulaties door de machthebbers tijdens verschillende belangrijke gebeurtenissen in Japan, China en Libanon in de 20e eeuw.
Een student medicijnen, die tijdens de Restauratie (1660) in de ban van de Engelse koning raakt, huwt op diens verzoek diens maîtresse, maar valt spoedig daarna in ongenade.
At the apogee of its powers in the seventeenth century, Holland was a tiny island of prosperity in a sea of want. Its homes were well-furnished and fanatically clean; its citizens feasted on 100-course banquets and speculated fortunes on new varieties of tulip. Yet, in the midst of plenty, the Dutch were ill at ease. In this brilliantly innovative book--which launched his reputation as one of our most perspicacious and stylish historians--Simon Schama explores the mysterious contradictions of a nation that invented itself from the ground up, attained an unprecedented level of affluence, and lived in dread of being corrupted by its happiness. Drawing on a vast array of period documents and sumptuously reproduced art, Schama re-creates, in precise and loving detail, a nation's mental furniture. He tells of bloody uprisings and beached whales, of the cult of hygiene and the plague of tobacco, of thrifty housewives and profligate tulip-speculators. He tells us how the Dutch celebrated themselves and how they were slandered by their enemies. The Embarrassment of Riches is a book that set a standard for its discipline; it throbs with life on every page.