Michael Poole's wormholes constructed in the orbit of Jupiter had opened the galaxy to humankind. Then Poole tried looping a wormhole back on itself, tying a knot in space and ripping a hole in time. It worked. Too well. Poole was never seen again. Then from far in the future, from a time so distant that the stars themselves were dying embers, came an urgent SOS--and a promise. The universe was doomed, but humankind was not. Poole had stumbled upon an immense artifact, light-years across, fabricated from the very string of the cosmos. The universe had a door. And it was open...
2000 years in the future, the solar system has fallen under the domination of an alien species, the Qax. But into this world appears a spaceship launched over 1500 years ago, intended to establish a link through which time travel is possible. To the humans this is a chance to reverse time.
Nadat hij gedood is door de god Zezeth wordt de held Leowulf verbannen naar een ijzige onderwereld, verlicht door een bleekblauwe zon. Hier gaat hij met de andere levende doden het gevecht aan met een koning van steen. Maar dan komt hij de koningin tegen, die niemand anders blijkt te zijn dan zijn voormalige minnares en nemesis Chillel. Intussen moet Leowulfs moeder Saphay, nu ook begiftigd met goddelijke krachten, haar volk naar een nieuwe wereld leiden, terwijl de wereld om haar heen in chaos vervalt. Om haar te helpen moet Leowulf zich een weg vechten uit de hel van ijs waarin hij zich bevindt.
In een wereld gevangen in een apocalyptische ijstijd, vol bevroren jungles en besneeuwde woestijnen wordt Safee, de dochter van de koning van Ru Karismi, weggestuurd om te trouwen met de leider van een barbarenstam. Onderweg wordt ze overvallen, maar weet te ontsnappen en wordt uiteindelijk gevonden door haar verloofde Atluan. Als Atluan sterft bij de geboorte van hun kind, Leowulf, wordt ze uit de stam gestoten en op de ijzige vlaktes achtergelaten om te sterven.Wederom slaagt Safee er echter in te overleven en ziet haar zoon in een paar jaar tijd opgroeien tot een volwassen man met goddelijke krachten. Uiteindelijk trekt hij de wijde wereld in om te ontdekken wie hij is: een man of een god. Het wordt een tocht van vele veroveringen en evenveel gevaren….
Is er leven na de dood? Een onderzoek met deze kernvraag levert de ambitieuze dr. Peter Hobson, een wetenschapper met ernstige huwelijksproblemen, het bewijs van het bestaan van de menselijke ziel, met vèrstrekkende gevolgen: de golf van mediageweld die over hem heen komt wordt gevolgd door onvoorstelbare omwentelingen op sociaal en maatschappelijk terrein. Maar Hobson is nog niet klaar. Zonder anderen erin te kennen, met de bedoeling zijn theorie over onsterfelijkheid en leven-na-de-dood te testen, schept hij drie verschillende elektronische simulaties van zijn eigen persoonlijkheid. Bij de eerste Hobson wist hij elke herinnering aan een fysiek bestaan. Dit is de Hobson-simulatie van een puur geestelijke entiteit. Bij de tweede Hobson wist hij elke kennis van ouder worden en sterven. Dit is de Hobson-simulatie van een onsterfelijke ziel. De derde Hobson laat hij ongewijzigd. Deze beschouwt de Hobson van vlees en bloed als de vergelijkingsbasis voor het gehele experiment. De ellende, voor hun initiatiefnemer, begint als de drie simulaties van zijn super-PC ontsnappen naar het Net, het wereldwijde netwerk van met elkaar verbonden netwerken, thuis-PC's en elektronische bestanden. Daar ontpopt één van de drie zich als een wrekende God in de machine, om precies te zijn als een wrekende moordenaar zonder genade. De vraag, voor Hobson én voor de lezer, is: wie van de drie?