De goddelijke komedie is niet alleen het belangrijkste werk uit de Italiaanse letterkunde, het is ook een van de hoogtepunten van de wereldliteratuur, in één adem genoemd met werken als de Odyssee, Faust, Don Quichot en Macbeth . Van het omvangrijke werk, dat uit ruim 14.000 verzen bestaat, is Dante zowel hoofdpersoon als verteller. Hij beschrijft hierin een denkbeeldige reis door de drie rijken van het hiernamaals: Hel, Louteringsberg en Paradijs. Deze reis voert hem van de diepste ellende van het kwaad naar de uiteindelijke aanschouwing Gods. Dante’s werk, waaraan, zoals hijzelf zegt, ‘hemel en aarde hebben bijgedragen’, is literatuur in de ware zin des woords. De dichter heeft door zijn diepzinnige verbeeldingskracht een taal geschapen die tegelijk universeel en persoonlijk kan worden genoemd. De goddelijke komedie is dan ook niet alleen de politieke en religieuze expressie van Dante zelf, maar ook van de late Middeleeuwen in de overgang naar de Renaissance. En zijn boodschap, die in een zeer geëngageerde vorm wordt uitgedragen, richt zich tot alle tijden en mensen. De goddelijke komedie is vele malen volledig in het Nederlands vertaald. Frans van Doorens alom geprezen prozavertaling maakt Dante toegankelijk voor de moderne lezer, met behoud van de grote zeggingskracht van het origineel.
Frans van Dooren Volgorde van de boeken (chronologisch)





Dante lééft in Italië. Iedere zichzelf respecterende plaats heeft een Dante-fontein, een Dante-gedenksteen, een standbeeld van de grote dichter of op z'n minst een straat naar Dante vernoemd. In de meeste gevallen wordt de betreffende plek opgeluisterd met een citaat uit Dantes Goddelijke komedie. Want Dante Alighieri reisde zijn leven lang door Italië, en zijn boeken staan vol met verwijzingen naar plaatsen die hij passeerde. Frans van Dooren, Nederlands grootste Dantekenner en -vertaler, reisde meer dan vijftig keer naar Italië en bracht Dantes overdonderende aanwezigheid in het moderne Italië in kaart. Hij spoorde nazaten van de familie Alighieri op, die werken als wijnboeren in de Valpolicella-streek. In Rome werd hij in een restaurant bediend door een ober die tussen de gangen door driftig las in De goddelijke komedie, in Florence bezocht hij de talloze plaatsen waar leven en werk van de dichter worden gememoreerd. Het Italië van Dante voert de lezer van provincie tot provincie door het huidige Italië, dat het verleden op vele manieren eert en instandhoudt. Een prachtig boek dat een reis naar Italië tot een onvergetelijke literair-historische ervaring kan maken. In het boek is tevens een praktisch overzicht opgenomen van alle Dante-vindplaatsen in het Italië van vandaag.
De heerser - druk 20
- 216bladzijden
- 8 uur lezen
Profielschets van een vorst, een heerser, zoals hij zal moeten staan aan het hoofd van een ideale staat, door de Italiaanse geschiedschrijver (1469-1527).
Sonnetten en andere gedichten
- 171bladzijden
- 6 uur lezen
Francesco Petrarca (1304-1374) is een van de grootste figuren in de Europese literatuur, met een enorme invloed door zijn Latijnse brieven en traktaten en zijn Italiaanse gedichten. Hij is de grondlegger van het humanisme en het petrarkisme. Petrarca is vooral bekend als de schepper van de Canzoniere, een sublieme verzameling gevoelige gedichten, voornamelijk sonnetten, die zijn idealiserende liefde voor Laura verkennen. Dit werk geldt als een toonbeeld van élégance, gratie en harmonie, en heeft eeuwenlang als model gediend voor lyrische poëzie. De vierde, uitgebreide druk bevat naast de Italiaanse originelen vertalingen van negenenveertig sonnetten, twee canzonen en een passage uit de Trionfo della Morte, voorafgegaan door een uitvoerige inleiding. Frans van Dooren, laureaat van de Martinus Nijhoffprijs in 1990, heeft talloze Italiaanse klassieken vertaald, waaronder werken van Dante, Michelangelo en Machiavelli. Zijn vertalingen van Petrarca worden geprezen om hun kwaliteit; volgens Kees Fens zijn de Nederlandse dichtregels echte vondsten, terwijl Willem Barnard opmerkt dat Van Dooren de essentie van het origineel weet te vangen in nieuwe Nederlandse gedichten.
Aan het begin van de Italiaanse letterkunde staat, hoog uittorenend boven alles eromheen, de triade Dante, Petrarca en Boccaccio: drie schrijvers die in hun werk zowel gebruik maken van het geleerde Latijn als van het nog jonge 'volgare'. Poëtisch gezien winnen hun scheppingen-in-het-Italiaans het verre van hun Latijnse geschriften: zoals Dante in de Divina Commedia en Petrarca in de Canzoniere, zo bereikt Giovanni Boccaccio (1313-1375) zijn artistieke hoogtepunt in de Decameron. Boccaccio schrijft het werk - een verzameling van honderd verhalen die in tien dagen door tien jongelui worden verteld - te Florence in de jaren na de grote pestepidemie van 1348, een periode waarin hij zich heeft losgemaakt van de mondaine lichtzinnigheid van zijn jeugd, terwijl hij zich nog niet heeft overgegeven aan de ernst en inkeer van zijn latere jaren. Frans van Dooren heeft uit de Decameron, die de 'Umana Commedia' is genoemd, twintig bekendste verhalen geselecteerd, waarin de uiteenlopende aspecten van het mens-zijn ('umana') en de positief-dramatische vormgeving ('commedia') tot hun recht komen. Levensechte dialogen, realistische beschrijvingen van achtergronden en gebeurtenissen, een goede dosering van emotionaliteit en rationaliteit, en een soepel en plastisch taalgebruik hebben Boccaccio's novellen door de eeuwen heen uiterst fris en leesbaar gehouden.