Er stromen rivieren in de lucht
- 475bladzijden
- 17 uur lezen






In een ver verleden werd Fantasia bewoond door vele volkeren die vreedzaam en harmonieus naast elkaar leefden. Om de vriendschap tussen alle rijken te stimuleren plaatsten de feeën in elk rijk een Poort, een doorgang waarmee de bewoners door het enorme gebied van Fantasia konden worden getransporteerd. Maar heksen maakten in het geheim misbruik van de Poorten. Niemand had door wat er aan de hand was, tot het te laat was. Zo begon het verhaal van het Verloren Rijk... Vlak voor ze onder het juk van de Zwarte Koningin bezweken, slaagden de Boselfen erin Saturno, de uitverkorene, te laten vluchten. Saturno was nog maar een klein kind toen hij in het rijk van de Sterrenelfen belandde. Op zijn vijftiende verjaardag, in het jaar van de Stralende Ster, ontdekt hij het geheim van de Poort en het Rijk waar hij vandaan komt. En hij besluit zijn lot tegemoet te gaan...
In een oude villa op het Italiaanse eiland Procida woont een jongen met zijn vader. Arturo gaat niet naar school en brengt zijn dagen door in de wilde, weelderige natuur van het eiland. 's Avonds leest hij boeken over grote ontdekkingsreizen en het mysterieuze Oosten uit de bibliotheek van zijn vader. Die is zijn grote voorbeeld: groot, blond, onverschrokken - zoals de helden uit Arturo's boeken, die geheel hun eigen weg gaan.De grote afwezige in huis is de moeder van Arturo, die in het kraambed overleed en als een heilige wordt vereerd door haar zoon. Er is geen vrouw ter wereld om bij haar in de buurt kan komen. En dan keert zijn vader op een dag terug van zijn reizen met een jonge vrouw, met wie hij net blijkt te zijn getrouwd. Ze is maar twee jaar ouder dan Arturo en staat voor alles wat hij verafschuwt: stads, verwend en streng gelovig. En toch oefent ze een steeds grotere aantrekkingskracht op hem uit. Langzaam maar zeker wordt de paradijselijke microkosmos waarin Arturo leeft onttoverd.
Marzo 1946. Su una lussuosa Aprilia con autista, Mrs. Giulia Masca fa ritorno a Borgo di Dentro: quarantasei anni prima, sola, incinta e senza soldi, aveva detto addio alle campagne piemontesi imbarcandosi su un piroscafo alla volta di New York. Nella filanda che l'ha vista operaia bambina il tempo dei geloni alle mani e delle guerre con i padroni si era compiuto e in mezzo alla folla di Manhattan, tra i grattacieli e il profumo di hot dog, per Giulia era iniziata una nuova vita: un marito titolare di un alimentari nel cuore di Little Italy, un figlio, un piccolo impero commerciale. L'America le aveva regalato il riscatto che aveva sempre sognato. Ma il passato la tormenta. Che ne è stato di sua madre Assunta? Dell'amica Anita Leone e della sua vivace famiglia di mezzadri? Che fine ha fatto Pietro Ferro, il fidanzato che Giulia ha abbandonato senza una parola di spiegazione quasi mezzo secolo prima? Mentre lei era lontana, le colline intorno al Borgo di Dentro e i suoi abitanti sono stati protagonisti di due guerre mondiali, dell'avvento del fascismo e della lotta per la liberazione. Di battaglie, di amori e di speranze. Quando Giulia torna in Italia, non può che guardare quei luoghi e quei volti con altri occhi se vuole chiudere i conti con il passato.
Fiorenzo, Mirko en Tiziana: drie levens die elkaar kruisen op een onwaarschijnlijke, desolate plek in de wereld: Muglione, in het Toscaanse binnenland, een streek van werkeloosheid en stilstaande wateren. Het is de plek waar Fiorenzo al jong zijn moeder verloor, waar Tiziana naar terugkeert vanuit Berlijn en waar Mirko voorbestemd lijkt voor een grote fietstoekomst.
Een hoog opgeleide jonge vrouw in Odessa in de Oekraïne maakt door haar bijbaantje als tolk bij een datingbureau kennis met een Amerikaan die op zoek is naar een vrouw uit Oost-Europa.
De Amerikaanse Hedda en de Italiaanse Pietro vieren begin jaren negentig het studentenleven in een vervallen palazzo in de beruchte Spaanse wijk in Napels, die in deze roman geur en kleur krijgt in al haar vitaliteit en verval. Ze zijn straalverliefd op elkaar en houden alle twee van de stad, maar Pietro weet zich niet los te maken van de boerenfamilie waaruit hij afkomstig is en van het land dat zijn ouders met veel moeite voor hem hebben gekocht. En hij is al helemaal niet opgewassen tegen zijn moeder, die Hedda genadeloos afwijst. Een onvoorwaardelijke keuze voor Hedda is voor hem daarom onmogelijk, wat haar voor een dilemma plaatst: als Pietro er niet in slaagt uit de impasse te ontsnappen, moet ze op zoek naar een nieuw leven - maar dan zal ze Napels kwijtraken.
Dit verhaal is het verhaal van Ultimo Parri, een bijzonder jongetje dat iedereen om zijn vingers windt. Een rijke graaf raakt zo onder de indruk dat hij Ultimo's vader aanneemt als mecanicien. Eerst reist Ultimo met hen de autocircuits af, maar algauw trekt hij de wijde wereld in om zijn droom na te jagen: orde scheppen in de chaos van de wereld om hem heen. Hij overleeft de wreedheden van de Eerste Wereldoorlog, maar pas als hij verliefd wordt op de Russische Elizaveta maakt Ultimo op verrassende wijze zijn droom waar. Het virtuoos en met veel gevoel vertelde levensverhaal van Ultimo geeft een prachtig beeld van Italië in de twintigste eeuw en een wereld die zich opmaakt voor de moderne tijd.
Leo is een doodgewone zestienjarige jongen, die liever op straat rondhangt met zijn vrienden dan dat hij op school zit. Tot er een nieuwe docent filosofie voor de klas komt te staan die zijn passie weet over te brengen op Leo en de andere leerlingen. Hij leert ze intens te leven en hun dromen na te jagen. De droom van Leo heet Beatrice, het meisje dat met 'haar blik de poorten naar het paradijs kan openen'. Op een dag verschijnt Beatrice niet meer op school en wordt duidelijk dat ze ongeneeslijk ziek is. Leo is geschokt en zijn onbezorgde leven schudt op zijn grondvesten. In Wit als melk, rood als bloed weet Alessandro D'Avenia binnen te dringen in het hoofd van een puber - de intense emotie, de honger naar het leven en de nieuwsgierigheid naar de liefde.
Nadat hij het Rijk van de Boselfen heeft bevrijd van de boosaardige macht van de Heksenkoningin, vervolgt Saturno zijn reis naar andere rijken die nog onder het juk van de Duistere Macht leven. Verzegeld door de machtige tovenaar Stellarius en zijn onafscheidelijke vrienden Regulus, Spica en Robinia bereikt de elf het Rijk van de Smidskabouters. Daar hebben de Snodo's, gemene aardmannetjes die een bondgenootschap hebben gesloten met de heksen, het trotse kaboutervolk onderworpen aan hun macht. Ook hebben ze de mijnen ingenomen waar hesperius wordt gedolven, een kostbaar metal waarmee de onoverwinnelijke harnassen van de Ridders zonder Hart worden gesmeed. De elfen weten onopgemerkt binnen te glippen in de stad Schonerots, en van daaruit zullen ze de kabouters helpen om de Snodo's te verslaan en de edelsteen van de eeuwenoude Betoverde Poort terug te vinden. Maar dan is de missie van Saturno nog niet voorbij: hij zal nog heel wat gevaren moeten trotseren want hij is de uitverkorene, de enige die de Zwarte Koningin kan verslaan en die de vrede kan herstellen in heel Fantasia.